Menu

De gevolgen van het Kerstarrest (box 3) voor zogenoemde zwartspaarders

In dit artikel informeerden wij u over het rechtsherstel. In de Kamerstukken is aan de orde gekomen of zogenoemde zwartspaarders ook in aanmerking komen voor rechtsherstel. In dit artikel informeren wij u verder.

Kwalificatie zwartspaarder

Volgens de Rijksoverheid zijn zwartspaarders mensen die hun spaargeld niet of onvolledig hebben opgeven bij de jaarlijkse belastingaangifte. In de discussie of zwartspaarders in aanmerking moeten komen voor rechtsherstel is vanuit de Tweede Kamer een onderscheid gemaakt tussen twee soorten zwartspaarders: De zwartspaarders die uit eigen beweging tot inkeer zijn gekomen en de zwartspaarders die – met zoveel woorden – de Belastingdienst heeft weten te achterhalen.

De zwartspaarders die (nog) niet bij de Belastingdienst bekend zijn kunnen vanzelfsprekend (nog) niet in aanmerking komen voor rechtsherstel.

Behandeling zwartspaarder bij rechtsherstel

Hoewel door leden van de Tweede Kamer kritische vragen zijn gesteld over de reikwijdte van het rechtsherstel voor zwartspaarders is staatssecretaris Van Rij duidelijk geweest over het recht dat zwartspaarders toekomt. De staatssecretaris heeft laten weten dat ook zwartspaarders in aanmerking komen voor rechtsherstel. Daarbij speelt het geen rol of deze zwartspaarders uit eigen beweging tot inkeer zijn gekomen of door de Belastingdienst zijn achterhaald. De staatssecretaris meent namelijk dat deze groep gewoon weer meedoet als belastingplichtige.

Of er daadwerkelijk recht bestaat op rechtsherstel is echter nog de vraag. Het kabinet heeft namelijk nog geen besluit genomen over het bieden van rechtsherstel aan belastingplichtigen waarbij de aanslag IB/PVV over 2017 tot en met 2020 op 24 december 2021 onherroepelijk vaststond. De verwachting is dat dit vóór het einde van het jaar (2022) duidelijk is. In dit artikel leest u meer over de verschillende belastingplichtigen die (mogelijk) in aanmerking komen voor rechtsherstel.

Kerstarrest aanleiding om vermogen in het buitenland alsnog te melden

Voor de zwartspaarders die nog niet bekend zijn bij de Belastingdienst kan, ondanks dat de inkeerregeling reeds per 1 januari 2020 in vergaande mate is beperkt, het Kerstarrest de stimulans zijn om (alsnog) vrijwillig openheid van zaken te geven. Hoewel voor verzwegen spaargeld in het buitenland in beginsel een verlengde navorderingstermijn van 12 jaar geldt, is de belastingheffing met een beroep op het rechtsherstel over spaargeld vanaf 2017 aanzienlijk lager dan gedacht.

Op basis van de wettelijke regeling zou een belastingplichtige met een spaarsaldo van € 1.000.000 over de jaren 2017 tot en met 2021 per jaar gemiddeld ruim € 12.000 box 3-heffing betalen. Bij het rechtsherstel dat wordt geboden volgens de forfaitaire spaarvariant is deze belastingplichtige, voor dezelfde jaren, per jaar gemiddeld slechts € 300 box 3-heffing verschuldigd. Dat maakt dat het voor belastingplichtigen op eens weer een stuk aantrekkelijker is om een beroep te doen op de inkeerregeling/vrijwillige verbetering.

Heeft u vragen over het rechtsherstel in box 3 of vraagt u zich af wat de gevolgen zijn voor uw fiscale situatie? Wilt u meer informatie over het (vrijwillig) melden van in het buitenland aangehouden spaartegoeden aan de Belastingdienst? Bij begeleiding door één van de fiscaal advocaten van Vink Fiscale Advocatuur bent u verzekerd van geheimhouding. U kunt vrijblijvend contact met ons opnemen.